De cloud is geen doel. Voor sommige toepassingen is Azure de logische keuze, voor andere is een server op locatie goedkoper en eenvoudiger. Het verschil zit in het gebruik, niet in de techniek.
Door Mark Hiddinga
Azure past bij toepassingen waarvan het gebruik wisselt, bij organisaties met meerdere locaties of veel thuiswerkers, en bij diensten die u niet zelf wilt onderhouden. U betaalt voor wat u gebruikt en schaalt op of af zonder nieuwe hardware.
Draait een toepassing dag en nacht met een voorspelbare belasting, dan kunnen de maandelijkse kosten in de cloud over enkele jaren hoger uitvallen dan die van een eigen server. Hetzelfde geldt voor software die een snelle verbinding met machines of apparatuur op locatie nodig heeft, en voor oudere toepassingen die niet voor de cloud zijn gemaakt.
Reken bij een vergelijking ook het dataverkeer, de back-up, de beveiliging en het beheer mee. In de cloud verdwijnt het onderhoud van hardware, maar het beheer van de omgeving blijft. Zonder toezicht op het verbruik loopt de rekening ongemerkt op.
Veel organisaties komen uit op een combinatie: e-mail en samenwerking in Microsoft 365, een deel van de toepassingen in Azure en een deel op locatie. Belangrijk is dat die verdeling een keuze is, vastgelegd in een ontwerp, en niet het resultaat van losse beslissingen.
Of het nu gaat om digitalisering, AI, cybersecurity of de toekomst van uw ICT-omgeving: een goed gesprek levert vaak meer inzicht op dan een nieuw systeem.